Vlaanderen integraalwaterbeleid.be
Home > Beleidsinstrumenten > Handhaving > De effectieve handhaving

De effectieve handhaving

Sensibiliseren, informeren en communiceren, ook na de informatievergadering, blijft de boodschap. Dat kan bv. via bewonersbrieven. Geef daarbij duidelijk aan tegen wanneer de afkoppeling en/of de scheiding van het regenwater en het afvalwater in orde moet zijn en dat u zal overgaan tot een effectieve verbalisering wanneer dat niet het geval is.  

Start de eigenlijke handhavingsprocedure tijdig en gelijktijdig voor alle aangelanden die op de vooropgestelde datum niet in orde zijn. Op die manier garandeert u een gelijkere behandeling tussen de aangelanden en kan u er voor zorgen dat alle aansluitingen bij de oplevering van het rioleringsproject correct uitgevoerd zijn.  

Bij het sanctioneren wordt steeds onderscheid gemaakt tussen remediëren en bestraffen. Remediëren is de overtreding zelf proberen terug te draaien, bestraffen heeft als doel om de overtreder en andere potentiële overtreders af te schrikken om in herhaling te vallen. Remediëren verdient de voorkeur omdat hierbij het negatief effect op het leefmilieu ongedaan wordt gemaakt.

De eerste stap in handhaving is het opstellen van een proces-verbaal.

  

Verbaliseren

Wie doet de eerste vaststellingen?

Wie de eerste vaststellingen doet, verschilt van situatie tot situatie:

  • „Bij de aanleg van een nieuwe riool zal in eerste instantie de keurder, de rioolbeheerder (bv. bij afwezigheid van keuring) of de toezichter openbare werken (louter afkoppelingsplan, niet alles) de eerste vaststellingen doen;
  • „Bij nieuwbouw zal de keurder, de rioolbeheerder (bv. geen keuring) of de bouwtoezichter de eerste vaststellingen doen.
  • „Bij een planmatige controle, bv. om niet-correcte lozingen op een welbepaalde waterloop te saneren, zal de gemeente of de rioolbeheerder de eerste vaststellingen doen.
  • Bij een klacht zal, afhankelijk van bij wie de klacht ingediend werd en afhankelijk van de afspraken tussen gemeente en rioolbeheerder, de rioolbeheerder of de gemeente de eerste vaststellingen doen.

Het handhavingstraject kan nadien opgestart worden door een derde.

 

Wie verbaliseert?

Diegene die de vaststellingen doet, is niet altijd bevoegd om over te gaan tot verbaliseren. In dat geval geeft hij de informatie door aan de bevoegde toezichthouder. Wie de bevoegde toezichthouders is, hangt af van de toepasselijke wetgeving.

  • De toezichthouder ruimtelijke ordening kan de overtreding van de stedenbouwkundige verordening (of van de voorwaarden in de stedenbouwkundige vergunning) vaststellen als bouwmisdrijf.

Een modeltraject voor de aanpak van inbreuken ruimtelijke ordening is terug te vinden op de website van Ruimte Vlaanderen.

  • De milieutoezichtsambtenaar kan de overtreding van het Vlarem vaststellen als milieumisdrijf. Hij maakt dan een proces-verbaal (PV) op.

Het PV wordt opgestuurd naar het parket, de relevante gewestelijke overheden belast met de handhaving van de milieuwetgeving (bv. de Milieu-Inspectie, de VMM) en de afdeling Milieuhandhaving, Milieuschade en Crisisbeheer (AMMC). De vaststelling van een milieumisdrijf moet ook gemeld worden aan het schepencollege en de vermoedelijke overtreder moet een kopie van het PV krijgen.

  

Remediëren

Ruimtelijke ordening

De gemeente kan, na goedkeuring door de Hoge Raad voor het Handhavingsbeleid (HRH) een herstelvordering indienen bij de rechtbank. Dit is evenwel een erg omslachtige procedure en zal meestal enkel resulteren in het doen betalen van een meerwaardesom.

Milieuhandhavingsdecreet

De burgemeester of de milieutoezichtsambtenaar kunnen samen met het PV ook een bestuurlijke maatregel opleggen voor de overtreding van Vlarem. Dit kan ook voor niet-ingedeelde inrichtingen.  Een voordeel van het opleggen van een bestuurlijke maatregel is dat het niet opvolgen van die bestuurlijke maatregel aanzien wordt als een nieuwe overtreding.

Een bestuurlijke maatregel kan het uitschrijven van een burgemeesterbevel zijn of het ambtshalve optreden en het verhalen van de kosten. Bij de handhaving van de privéwaterafvoer van private gebouwen is een ambtshalve sanering niet haalbaar, aangezien de toezichthouder het privéterrein niet mag betreden.

Drinkwaterdecreet

Het milieuhandhavingstraject geldt enkel voor overtredingen van Vlarem, niet voor overtredingen die alleen in het drinkwaterdecreet en het algemeen waterverkoopreglement staan, zoals de keuring zelf. In het drinkwaterdecreet is remediëren niet voorzien.

  

Bestraffen

Overtredingen van Vlarem vallen onder het milieuhandhavingsdecreet en kunnen op twee wijzen bestraft worden:

  • als milieu-inbreuk, dat zijn schendingen van milieuregels zonder of met slechts een beperkte schade aan mens of milieu, bv. het niet naleven van administratieve voorschriften. De Vlaamse Regering heeft de milieu-inbreuken opgesomd in een limitatieve lijst. Milieu-inbreuken kunnen enkel via een Vlaamse administratieve boete bestraft worden.
  • als milieumisdrijf, dat zijn alle andere milieuschendingen. Bij een milieumisdrijf kan het parket vervolgen, of het dossier doorsturen voor een Vlaamse administratieve boete.

Het niet naleven van de Vlarem-regels over de aansluiting van de privéwaterafvoer is een milieumisdrijf en moet steeds via het parket.

  

Integraalwaterbeleid.be is een officiële website van de Vlaamse overheid