Kenmerken van het bekken van het Leiebekken
Fysische en ruimtelijke kenmerken zoals het reliëf, de bodem(erosie), het bodemgebruik en de aanwezigheid van watergebonden natuur zijn bepalend voor (het beheer van) de watersystemen van het bekken.
Reliëf
'Leie medevormer van Vlaamse Vallei'
Het Leiebekken kan opgedeeld worden in drie zones met een specifiek reliëf.
In het noorden van het Leiebekken ligt het polder-Leie interfluvium met een zwak golvend landschap dat de regio plaatselijk een heuvelachtig uitzicht geeft. Het meest opvallende is de West-Vlaamse heuvelkam die door riviererosie een aaneenschakeling van afzonderlijke hoogtes met rivierdalen en ruggen is.
Een heuvelkam die afloopt naar de Leievallei en de Scheldevallei vormt de zuidelijke grens van het Leiebekken en de waterscheidingskam met het Bovenscheldebekken. Het noordelijke en zuidelijke deel van deze heuvelkam rond Aalbeke-Bellegem en Kruishoutem-Wortegem is heuvelachtig (50-60 mTAW). Het tussenliggende gebied is zwak golvend.
Centraal in het Leiebekken ligt de laagvlakte van de Leie, ook gekend als de Vlaamse Laagvlakte of Vlaamse Vallei. Deze laag gelegen vlakte is minder erosiegevoelig dan de omliggende heuvelkam.
In het polder-Leie interfluvium en het Leie-Schelde interfluvium werden de geomorfologische processen wel beïnvloed door de wisselende erosiegevoeligheid van het dicht bij de oppervlakte gelegen bodemtype.
Bodem
'Vooral zandleem'
Door de verscheidenheid aan geomorfologische eenheden binnen het Leiebekken komen er tal van bodemtypes en –variëteiten voor, gaande van landduin (ter hoogte van Sint-Martens-Latem en de Leie te Deurle), tot zandleem in het grootste deel van het bekken en tot zware klei (Franse grens in Heuvelland), met alle mogelijke gradiënten op de overgangen.
Ten noorden van de Leie komen vooral zandlemige gronden voor. Richting het oosten en zuiden wordt de bodem geleidelijk aan zandiger.
De alluviale bodems bestaan voornamelijk uit klei tot zware klei die plaatselijk op zandige, lemige of venige afzettingen rusten. Ter hoogte van de gekanaliseerde Leie te Desselgem komen ook veenbodems voor.
In de Vlaamse zandstreek komen belangrijke geïsoleerde platen van lemige zandgronden voor tussen de dekzanden. Het dekzandlandschap, tussen de Gaverbeekvallei en het oosten van de Kasselrijbeek is veelal uit zand opgebouwd. Tussen Desselgem, Sint-Eloois-Vijve en Waregem zijn de niveo-eolische dekzanden nagenoeg uniform lemig zand.
De ruggen in de Vlakte van de Leie zijn bedekt met droge tot matig droge lichtzandleemgronden stroomopwaarts. Stroomafwaarts betreft het droge tot matig droge lemige zandgronden en dekzanden. Op de toppen van de heuvels en opduikingen komen er lokaal kleigronden en zandleemgronden met niet bepaalde profielontwikkeling voor. Het betreft hier ontsluitingen van tertiaire klei en zandleemgronden, beïnvloed door het tertiaire substraat.
Bodemgebruik
'Landbouw en sterke verstedelijking'
Het Leiebekken is een regio met intensieve landbouw. Het gebied is ook sterk verstedelijkt en dat gaat gepaard met een hoge graad aan verharding. De verstedelijking en de industriële activiteiten concentreren zich voornamelijk langs het gekanaliseerde deel van de Leie, het kanaal Roeselare-Leie, het kanaal Bossuit-Kortrijk en de langs de Heulebeek, Mandel en Gaverbeek. De grootse woonclusters zijn o.a. Roeselare, Kortrijk, Waregem, Deinze en de randgemeenten van Gent. De westelijke gemeenten Heuvelland, Zonnebeke en Ieper zijn landelijker van aard en zijn relatief dun bevolkt.
Het westelijke deel van het bekken is erg landelijk met nauwelijks enige industriële activiteit. Ook langs de Toeristische Leie in het uiterste oostelijke deel van het bekken is er weinig industrie. De meeste industrieële activiteiten komen voor nabij de dichtst bevolkte gebieden langs de Leie en het kanaal Roeselare-Leie.
Het Leiebekken is een belangrijk agrarisch gebied, met een verscheidenheid aan landbouwactiviteiten. Zo is de veehouderij sterk aanwezig, is er veel intensieve groententeelt en is een groot deel van het bekken aaneengesloten landbouwgebied.
Watergebonden natuur-ecologie
Het Leiebekken is zeer arm aan natuurgebieden en Speciale Beschermingszones. Toch herbergen de meersen, Leiemeanders en poelen heel wat waardevolle planten- en diersoorten. In het Leiebekken komen steeds meer beschermde vissoorten voor, zoals de bittervoorn en de rivierprik.

